Tags

, , ,

Psychische menswording

De grondslag van Terruwe’s gedachtegang wordt gevormd door “het feit, dat de mens, gelijk in alles, ook in zijn gevoelsleven een groeiend, zich ontwikkelend wezen is.” De ontwikkeling van het gevoelsleven verloopt volgens haar fasegewijs. Elke fase dient daarbij als voorwaarde voor een volgende ontwikkelingsfase. Zo ontkomt ook de ontwikkeling van het gevoelsleven volgens Terruwe niet aan de wetten zoals die gelden in de natuur waarin baby’s baby’s, kinderen kinderen en pubers pubers hebben moeten kunnen zijn, om uiteindelijk tot hun psychische volwassenheid uit te kunnen groeien. Terruwe noemt dit ontwikkelingsproces; ‘psychische menswording’. In dit proces is de mens onvermijdelijk bepaald tot “de roep van zijn diepste wezen om gelukkig te willen zijn”. Om gelukkig te zijn is het volgens haar nodig dat de mens voelt dat hij bij iemand hoort en dat hij bij iemand horen wilt. Een belangrijk kenmerk van psychische volwassenheid is dan de volwassen liefde, waarin men gelukkig kan zijn om de uniciteit en het welzijn van de ander. Om gelukkig te kunnen zijn om het welzijn van een ander is een besef van zelfwaarde een voorwaardelijk startpunt in de groei naar een psychische volwassenheid. Het besef van zelfwaarde komt voort uit de -belangeloze- ontmoeting met een ander die mij herkent en erkent in wie ik ben en anders ben. Zo zijn mensen voor hun psychische volwassenheid onvermijdelijk bepaald tot elkaar en elkaars verscheidenheid.

Terruwe hanteert bij haar mensbeeld blijkbaar drie uitgangspunten. (1) In de eerste plaats vat zij het menselijke gevoelsleven op als een ontwikkelingsproces waarin te onderscheiden fasen elkaar moeten opvolgen opdat de mens de fase van de psychische volwassenheid bereikt. (2) In de tweede plaats gaat zij uit van een onvermijdelijke behoefte bij de mens om gelukkig te willen zijn. Deze behoefte bepaalt elke mens zodanig bij een ander mens dat daarmee de psychische volwassenwording in gang gezet wordt. (3) Om gelukkig te worden is het klaarblijkelijk nodig dat de ene mens de andere mens wil leren kennen. Specifieker; dat de ene mens het goede van de ander wil leren kennen en de ander gelukkig wil zien. Terruwe zelf tenslotte waardeert ‘het mét de ánder te kunnen zijn’ als de voornaamste en meest fundamentele behoefte die de mens kent.

Psychische menswording en bevestiging

Het eerste wat iemand in zijn leven nodig heeft is een bevestiging van zijn ‘zijn’. In “Geloven zonder angst en vrees” noemt Terruwe ‘bevestiging’ dan ook het meest adequate geneesmiddel voor de mens die zelf niet in staat is om goed contact te maken, die daarin angstig is of zich minderwaardig voelt. Als de mens niet bevestigd is, blijft hij, volgens Terruwe, altijd en noodzakelijk, zelfs tot op hoge leeftijd, nog streven naar bevestiging.

Bron: http://www.terruwe.be

Advertenties