Tags

, , ,

Aswoensdag, 22-02-2012

Aswoensdag is geen feestdag. Na alle carnavalsactiviteiten heeft Aswoensdag voor sommige mensen misschien zelfs iets droefs en donkers. Dat is niet zo. Dat wil zeggen: zo zou het niet mogen zijn. Deze dag markeert voor ons gelovigen het begin van een Weg; en omdat die weg zo belangrijk is, krijgen we tegelijk vandaag Aswoensdag een teken op het voorhoofd, een kruis van as. Het kruis is een folterinstrument. Jezus is eraan gestorven. Maar Hij is niet in de dood gebleven. Hij is overwinnaar op de dood geworden, en sindsdien is het kruis voor ons een overwinningsteken.

As betekent ‘vergankelijkheid’, het is ook een teken van rouw. Ten tijde van Jezus, wanneer iemand in de rouw was, dan strooide hij as op zijn hoofd. Wanneer het askruisje spreken kon, dan zou ’t kruisje het volgende zeggen: “Je bent, zoals al het ander hier op aarde vergankelijk, maar dat is nog lang niet alles. Je bent ook wonderlijk en al het mooie en unieke in je zal met Christus aan jouw zijde ooit de dood, de droefheid en vergankelijkheid overwinnen”.

De weg die wij gaan, welke vandaag begint, heeft een doel en dat doel heet Pasen. Het belangrijkste feest dat wij als gelovigen vieren. Een feest van (eeuwige) vreugde en licht. De weg daarheen duurt 40 dagen, en 40 dagen is geen toeval. In de bijbel komt het getal 40 vaak voor. In het O.T. zwierf het Joodse volk 40 jaar lang door de woestijn. Mozes als leider van het volk ging dan de berg op om er te bidden, om kracht te ontvangen en aanwijzingen van God voor zijn volk. In de heilige Schrift staat: “Hij was 40 dagen op de berg”.

De profeet Elia ging 40 dagen door de woestijn. Zijn doel was de berg Horeb. Daar ontmoette hij God zoals nog niet eerder in zijn leven. Jezus bracht 40 dagen door in de woestijn. Hij vastte en werd er beproefd, d.w.z. Hij werd getest, Hij werd op de proef gesteld. Dat was aan het begin van Zijn opdracht, aan het begin van Zijn zware weg.

De veertigdaagse tijd is geen onschuldige zaak. Het is een tijd van beproeving. Mensen gaan deze weg om hun opdracht te ontdekken en zich aldus erop voor te bereiden. Ze gaan een weg met God en zijn bereid er een prijs voor te betalen. Wij als geloofsgemeenschap gaan op weg naar Pasen, naar de verrezen Heer. Ieder jaar doen we dat: we oefenen voor het geval dat het serieus wordt (dit is; op het eind van ons leven). Ieder van ons zal ooit dat hoogst persoonlijke paasfeest vieren: zijn of haar eigen Verrijzenis in de Heer Jezus Christus. Maar zo ver zijn we nog niet. We gaan nu eerst op weg.

In het Evangelie horen we hoe Jezus mensen tips geeft voor deze tocht naar Pasen toe. Weet u het nog? Wanneer we bidden, wanneer we vasten, wanneer we delen met anderen dan hoeven we dat niet aan de grote klok te hangen in de zin van: moet je zien hoe geweldig ik ben. Neen, wanneer we onszelf daarbij te kijk zetten is het alsof we iets heel kostbaars stuk maken. Want deze dingen zijn een geheim tussen God en mij. Wanneer ik bid, wil ik klein worden voor Hem en niet daarop groot gaan bij anderen.

Wanneer ik vast, wanneer ik van iets afzie en dat dan met een ander zou delen, dan is dat een geschenk aan die andere persoon en ook aan God. Het is ergens een geheime afspraak tussen God en mij, tussen God en ons. Het is kwetsbaar en kostbaar en moet beschermd worden.

Laten we dan deze Veertigdaagse weg heel bewust en met open ogen gaan. Laten we letten op de tekens die we op die weg krijgen. Die krijgen betekenis wanneer we plotseling zien hoe we onze familie, vrienden of anderen een beetje vreugde kunnen brengen, of überhaupt hoe we onze wereld nog een beetje mooier kunnen maken en verzoenlijker. We gaan uiteindelijk naar Pasen toe…

door Pastoor Geudens, https://bid24uur.wordpress.com

Advertenties