Tags

Hoogfeest van de geboorte van de Heilige Johannes de Doper
Evangelie: Luc. 1, 57-60. 80

Johannes moet hij heten. Het klinkt heel beslist. Het moet. Eerst zijn moeder, daarna nog zijn vader: ‘Hij heet Johannes.’ Er is niets tegen in te brengen. Hoe kwamen ze aan die naam? De engel had het gezegd: ‘Elisabeth zal u een zoon schenken, die gij Johannes zult noemen.’ Daarom die naam, hij kwam in de familie niet voor.

Hoe kiezen wij tegenwoordig een naam? Klinkt hij mooi, past hij bij de achternaam? Een beetje kort, anders wordt hij afgekort. Een beetje trendy, van deze tijd. Een beetje Amerikaans of Frans, de naam van een filmster, popzanger, sportman, een idool. Of juist een unieke naam. Johannes, vanuit het Hebreeuws, betekent: ‘God is genadig’.

Als de engel deze naam niet gegeven had, dan hadden Zacharias en Elisabeth hem zelf kunnen bedenken. Niet vanwege de leuke klank of de trend, maar puur om de betekenis: ‘God is genadig’. Wanneer je zoveel jaar verlangend hebt uitgekeken naar een kind en allebei op een leeftijd komt waarop je zegt: ‘het zal wel niets meer worden, deze genade van God is ons huis voorbijgegaan,’ als juist dan het huilen van een baby het huis vervult, dan horen de buren van Elisabeth hoe groot de barmhartigheid is die God haar had betoond. God is barmhartig, God is genadig, God is goed, God is liefde.

Je zult je kind maar zo’n naam geven. Godsgenade, godsgeschenk, Johannes, Joann, Johan, Jan, John. Maar dan de andere kant. Je zult maar zo’n naam krijgen. ‘Nomen est omen, de naam is een voorteken,’ is een Latijns gezegde. Aan het eind van het Evangelie klinkt de naam van deze pasgeboren baby al door de hele streek. ‘Wat zal het worden met dit kind, de hand van God is met hem.’

Het is een wonderlijk kind, een woestijnkind; dat was de plek die hij zocht. Niet het vertier en het vermaak van de grote stad. Niet het uitgaansleven en de drukte, niet de luxe en het lekkere eten, niet het gemak van het mooie huis en het zachte bed. Maar een woestijnkind. ‘Het groeide op en de Geest beheerste hem meer en meer. Hij verbleef in de woestijn tot de dag, waarop hij zich aan Israël openbaarde.’

Hoe zal dat in zijn opvoeding gegaan zijn in de woestijn? De woestijn is de plaats van bekoord worden op allerlei manieren. Wat zal de bekoring van Johannes zijn geweest? Je kunt dat op het spoor komen door te zien wat hij later verkondigt: ‘Ik ben de Messias niet. Johannes weet goed wie hij niet is, die bekoring heeft hij overwonnen. Hij weet ook de betekenis van zijn naam: ‘God is genadig’. Hij wordt een boeteprediker, die Gods genade preekt, in een oproep tot bekering. God wil je vergeven, God is genadig, doe boete en beter je leven. Een prediker van Gods genade, maar tegelijk komt hij niet verder dan de oude profeten. Van hen is hij de grootste. Jezus Zelf geeft hem die titel: ‘Voorwaar Ik zeg jullie: onder wie uit vrouwen geboren zijn, is niemand groter dan Johannes de Doper.’ Jezus noemt hem de Elia die komen zou. In Johannes wordt de profetie aangaande Elia vervuld, in hem komt het profetendom tot zijn hoogtepunt.

God is genade! Maar dat betekent niet een gemakkelijk leven. Voorloper van de Messias zijn, is niet simpel. God is genadig, maar de mensen zoeken die genade niet, want die genade vraagt bekering…

Feest van Johannes de Doper, zijn geboorte; het mag ons aanmoedigen om na te denken over onze eigen naam, onze eigen roeping en zending, onze eigen plaats in Gods plan met de wereld. Een roeping om Gods genade aan de wereld te tonen. Nu vanuit de volheid van Hem die door Johannes werd aangewezen: Jezus.

De naam Jezus betekent: ‘God redt’. De genadige God biedt ons zijn redding. Laten we ons door Johannes bij Jezus brengen en Gods redding ervaren. Nu, in de heilige Mis, deze week, thuis en in het werk omdat God genadig is. Amen!

Bron afbeelding: StJan-StClemens.nl

Advertenties