dienaar Heilig Evangelie van Jezus Christus volgens Lucas 17,5-10.

De apostelen zeiden nu tot de Heer: ‘Geef ons meer geloof.’ De Heer antwoordde: ‘Als ge een geloof had als een mosterd­zaadje, zoudt ge tot die moerbeiboom zeggen: Maak uw wortels los uit de grond en plant u in de zee, en hij zou u gehoorzamen. Wie van u zal tot de knecht die hij in dienst heeft als ploeger of veehoeder bij diens thuis­komst van het land zeggen: Kom meteen aan tafel en tast toe? Zal hij niet eerder zeggen: Maak mijn maaltijd klaar, omgord je en bedien mij terwijl ik eet en drink; daarna kun je zelf eten en drinken? Moet hij die knecht soms dankbaar zijn, omdat hij heeft uitge­voerd wat hem is opgedragen? Zo is het ook met u: wanneer ge alles hebt gedaan wat u opgedragen werd, zegt dan: Wij zijn onnutte knechten; wij hebben alleen maar onze plicht gedaan.’

PREEK

Ik weet niet of wij ons helemaal herkennen in het laatste stukje van het evangelie waarin Jezus spreekt over de onnutte knechten. Wat Jezus hier zegt, paste wel helemaal in zijn tijd. Alle mensen, die toen naar Jezus luisterden, waren het hier mee eens, maar wij hebben nu heel andere gedachtes over wat dienen is.

In Jezus’ tijd was dienen iets wat je deed met alles wat je bent en hebt. Je diende niet van zo laat tot zo laat, nee, je was dienaar, altijd, dag en nacht. Het is net iets als man of vrouw zijn. Je bent een man of vrouw of je bent het niet. Je bent zwanger of je bent niet zwanger. Een tussenweg is er niet. Je bent levend of je bent dood. Je bent dienaar of je bent het niet.

Wij dienen, helpen, werken, zoveel uur per week. En wij worden er vaak nog voor betaald ook. Wij zoeken het ook zelf uit wat wij doen. Wij kunnen er onszelf mee ontwikkelen. En omdat je er vaak voor betaald wordt, komt het ook ten goede aan je man of vrouw, je kinderen. En daarnaast heb je ook nog vrije tijd, een privéleven. En vooral dat laatste is volgens het gevoel van velen je eigenlijke leven.

Dat was in Jezus’ tijd niet mogelijk. Het dienen was je leven. Je leven was het dienen. Het was ondenkbaar dat als een koning een dienaar nodig had, dat hij dan eerst even een dienrooster moest raadplegen om te kijken wie er aan de beurt was. En het was ondenkbaar dat als hij dan iemand anders zou vragen, dat die persoon dan zou zeggen: “nu even niet”, omdat hij bijvoorbeeld hoofdpijn had.

Was het dienaar-zijn van vroeger dan iets mensonwaardigs? Dat zou het zijn als er niet iets tegenover stond. Maar mensen, die zo dienden, werden in het persoonlijke leven van hun heer opgenomen. Wij kennen dat nog van niet zo heel lang geleden. Vroeger hadden heel wat gezinnen een dienstmeisje. Hun uren werden ook niet geteld. Maar zij werden wel helemaal opgenomen in het gezinsleven. Daarin vonden zij – als het goed was – liefde en geborgenheid.

Wij kunnen het vergelijken met de honderdman in het evangelie. Die heeft 100 soldaten, maar hij heeft ook een knecht. En als die knecht een keer flink ziek is laat de honderdman anderen contact opnemen met Jezus, want hij houdt bijzonder veel van die knecht. Die officier wil iets doen voor zijn knecht.

Op eenzelfde manier, beste parochianen, zijn wij met God verbonden. Wij dienen Hem met alles wat wij zijn, met alles wat wij hebben. Wij zijn geen dienaars op zaterdagavond van 17.30 uur tot 20.00 uur of op zondagmorgen van 09.45 uur tot 12.00 uur; tijdens de heilige Mis, nee, wij dienen God dag en nacht. Zoals je 24 uur per dag vader of moeder bent, 24 uur per dag kind van je ouders bent, zo zijn wij altijd dienaars van God, vrienden van God, familie van God. Wij mogen Hem dienen. Wij willen Hem dienen.


God is natuurlijk blij als wij Hem dienen, maar Hij wordt er niet gelukkiger door. Hij is al volmaakt gelukkig! Nee, door God te dienen worden wijzelf gelukkiger, wordt onze wereld beter en mooier. God dient ons, beschermt ons, als wij leven in verbondenheid met Hem. Jezus zelf heeft dat gezegd door te verklaren, dat de Mensenzoon niet is gekomen om gediend te worden, maar om te dienen. Hij dient ons met alles wat Hij is en heeft, tot en met zijn eigen leven. Hij is ons voorbeeld. Hij geeft ons kracht om Hem en onze medemensen op eenzelfde manier te kunnen dienen.


God dienen is niet alleen een kwestie van allerlei karweitjes voor hem opknappen, zieken bezoeken, het parochieblad rondbrengen, het is ook een zaak van een bepaalde levenshouding aannemen. Jezus zegt bijvoorbeeld, dat Hij zachtmoedig en nederig van hart is. God dienen is dan ook jezelf – met de hulp van Gods genade – aanleren om ook zachtmoedig te zijn, om bescheiden te zijn.

Parochianen, wij bidden zo dikwijls het ‘Onze Vader’ met daarin de bede, de vraag, dat het Rijk van God mag komen. Het is geen kwestie van afwachten, wij kunnen door een dienstbare christelijke liefde – dat is een soort 24 uur service – de komst van dat Rijk bespoedigen. Er is veel liefdeloosheid in de wereld. Wij worden geroepen en gezonden om te laten zien dat het ook anders kan. Zijn wij die mensen, die in navolging van Jezus Christus, het aanschijn van de aarde veranderen? Zijn wij in deze wereld de mensen, die het verschil uitmaken!

door pastoor F. Domen

Vgl bron: www.preken.be

Advertenties