Paus Franciscus: Geliefde broers en zussen, goede dag,

Het Evangelie van deze zondag verhaalt het begin van het openbaar leven van Jezus in de steden en dorpen van Galilea. Zijn zending vertrekt niet vanuit Jeruzalem, dat wil zeggen niet vanuit het godsdienstig centrum dat ook het sociaal en politiek centrum is, maar ze vertrekt vanuit een periferische zone, een door Joden van de strenge observantie misprezen gebied en dit omdat er verschillende vreemde volkeren leefden. Daarom spreekt de profeet Jesaja van “Galilea van de heidenen” (Js 8,23).

Het is een grensgebied, een doorgangszone waar mensen van verschillend ras, cultuur en godsdienst elkaar ontmoeten. Zo wordt Galilea de symbolische plaats van de openheid van het Evangelie voor alle volkeren. Vanuit dit gezichtspunt gelijkt Galilea op de wereld vandaag: gelijktijdige aanwezigheid van verschillenden culturen, noodzaak om te vergelijken en noodzaak om te ontmoeten. Ook wij worden elke dag ondergedompeld in een “Galilea van de heidenen”. In een dergelijke omgeving kunnen we bang worden en aan de bekoring toegeven omheiningen te bouwen om veiliger en meer beschermd te zijn. Maar Jezus leert ons dat de Blijde Boodschap die Hij brengt niet voorbehouden is aan een deel van de mensheid, maar aan allen moet meegedeeld worden. Het is een blijde aankondiging voor allen die haar verwachten, maar ook voor hen die misschien niets meer verwachten en niet eens meer de kracht hebben om te zoeken en te vragen.

Vertrekkend uit Galilea, leert Jezus ons dat niemand van Gods redding is uitgesloten, integendeel, dat God verkiest te vertrekken vanuit de periferie, van bij de laatsten, om allen te bereiken. Hij leert ons een methode, zijn methode, die uitdrukking is van de inhoud, te weten de barmhartigheid van de Vader. “Elke christen en elke gemeenschap zal onderscheiden welke weg de Heer vraagt, maar allen zijn we uitgenodigd om deze roeping te aanvaarden. Het eigen gemak verlaten en de moed hebben alle periferieën die nood hebben aan het licht van het Evangelie op bet zoeken” (Apos. Exh. Evangelii gaudium, 20).

Jezus begint zijn zending niet slechts vanuit een excentrische plaats, maar ook bij mensen die men, zo kun je stellen, “met een laag profiel” zou kunnen noemen. Om zijn eerste leerlingen en toekomstige apostelen te kiezen, richt Hij zich niet tot de rabbijnenscholen of tot de scholen van de wetgeleerden, maar tot bescheiden en eenvoudige mensen die zich met inzet voorbereiden op de komst van het Rijk van God. Jezus gaat hen roepen daar waar ze werken, aan de oever van het meer: het zijn vissers. Hij roept ze en zij volgen Hem meteen. Ze laten de netten achter en gaan met Hem: hun leven zal een buitengewoon en fascinerend avontuur worden.

Geliefde vrienden en vriendinnen, de Heer roept ook vandaag! De Heer komt langs de straten van ons dagelijks leven. Ook vandaag, op dit ogenblik, hier. De Heer gaat over dit plein. Hij roept ons om met Hem te gaan, om met Hem voor het Rijk van God te werken, in de “Galilea’s” van onze tijd. Laat elk van jullie denken: de Heer komt vandaag langs, de Heer ziet mij. Hij kijkt naar mij! Wat zegt de Heer mij? En als iemand van jullie de Heer hoort zeggen “volg Me” wees dan moedig en ga met de Heer. De Heer ontgoochelt nooit. Jullie voelen het in jullie hart wanneer de Heer jullie roept om Hem te volgen. Laten we ons raken door zijn blik, door zijn stem en laten we Hem volgen! “Zodat de vreugde van het Evangelie de grenzen van de aarde bereikt en geen enkele periferie van zijn licht verstoken blijft” ( ibid, 288).

Vertaling uit het italiaans: Marcel De Pauw msc

Bron: www.kerknet.be

 

Advertenties