De apostel Paulus in een brief aan de gelovigen van Efeze: “Broeders en zusters, gij hebt vernomen hoe zich Gods genade heeft verwerkelijkt, die mij is met het oog op u gegeven is; dat mij door openbaring de kennis van het geheim is meegedeeld zoals ik het reeds in het kort heb beschreven.
Wanneer gij dit leest, kunt gij u op grond daarvan een begrip vormen van mijn inzicht in het Christusmysterie.
Nooit is het onder vroegere geslachten aan de kinderen der mensen bekend gemaakt, zoals het nu door de Geest is geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten: dat de heidenen in Christus Jezus medeerfgenamen zijn, medeleden en mededeelgenoten van de belofte door middel van het evangelie, waarvan ik bedienaar geworden ben krachtens de gave van Gods genade, mij geschonken door de werking van zijn macht.
Aan mij, de allerminste van alle heiligen, is de genade gegeven de heidenen de ondoorgrondelijke rijkdom van de Christus te verkondigen, en de volvoering van het geheim in het licht te stellen. Het was van eeuwigheid verborgen in God, de schepper van het heelal, opdat thans aan de heerschappijen en de machten in de hemelen door middel van de kerk de veelvoudige wijsheid Gods bekend zou worden.
Zo was zijn eeuwig voornemen dat Hij uitgevoerd heeft in Christus Jezus, onze Heer. In Hem hebben wij, door het geloof in Hem, vol vertrouwen de vrije toegang tot God.”

Advertenties