Aswoensdag 2015

10985560_782498235150422_7392131522672396409_o


Vandaag begint de tweede lezing van Paulus met de volgende woorden: “Wij zijn gezanten van Christus, God roept U op door ons woord. Wij smeken u in Christus’ Naam, laat u met God verzoenen!”. Paulus is er zich van bewust, dat niet híj het is die tot de mensen spreekt, maar door hem spreekt Jezus Christus zelf, vandaar dat hij zegt: “Wij smeken u in Christus’ Naam!”

Dus… als in een kerk het Woord van God wordt voorgelezen, is het Jezus Christus zelf, die tot ons spreekt. Het is God zelf, die deze indringende oproep doet in de Kerk. En wat is dan die oproep van Jezus Christus? “Laat u met God verzoenen!”.

Laat u met God verzoenen. Laat die vriendschap tussen God en u herstellen. Er zijn veel belangrijke dingen, die er in een mensenleven moeten gebeuren, maar er is niets zo belangrijk als de verzoening met God.

En dat is niet alleen maar belangrijk om later in de Hemel te kunnen komen, want er zijn altijd weer mensen, die zeggen: Oh, dat kan nog lang duren… Nee, de verzoening met God is ook belangrijk voor nu! Wij, Christenen, zijn door God geschapen. Zonder God kan een mens onmogelijk blijvend gelukkig worden.

Verzoening leidt tot vriendschap. Tot een levendige verhouding. Vrienden houden van elkaar, staan voor elkaar open, zijn geïnteresseerd in elkaars wel en wee. Vrienden groeien steeds meer naar elkaar toe, proberen steeds weer elkaar te plezieren. Échte vriendschap is voor het leven. God wil niets liever dan onze vriend zijn. Laten wij ook Zijn vrienden zijn! Doen wij echt moeite om Hem steeds beter te leren kennen, om Hem steeds meer vreugde te brengen.

De vastentijd is een gelegenheid om in die liefde voor God en de medemens weer een flinke stap vooruit te zetten. Vasten is aan jezelf versterven, jezelf confronteren met de zwakheden die dan naar voren komen om van daaruit je meer aan God te hechten. Vasten is je losmaken van je bezit, van je tijd en je mogelijkheden, om ze ten goede te laten komen aan anderen. Vasten is ook je losmaken van de zonde, zodat er niets meer is wat de vriendschap in de weg staat.

Een minderwaardigheidscomplex hebben wij zeker niet nodig. Maar wel mogen wij weten, dat God ons roept aan onszelf te blijven werken. Doen wij dat dan! Maken we een voornemen tijdens deze vastentijd om met Gods genade aan onszelf te werken. Bijvoorbeeld door elkaar ongevraagd te helpen, een gebroken verhouding herstellen, leggen wij een paar keer een bezoekje af bij iemand die vaak alleen is, doen wij een extra gebed voor iemand, lezen wij eens een kwartiertje in de Bijbel…

Daar gaat het om; meer aandacht voor het bidden en meer aandacht voor de liefde tot de naaste.

Dit is de oproep die profeten (zoals de profeet Joël, zoals we hoorden in de 1ste lezing), namens God uitspreken: “Keer tot mij terug”.

Aswoensdag is een mooie dag om daar weer een nieuw begin mee te maken. Geen grote plannen, dan wordt het meestal toch niets. Grote liefde toon je in kleine daden. Wat klein en goed is wordt gaandeweg groot en goed.

Proberen we onszelf au serieus te nemen door ons écht in te zetten gedurende deze vastentijd. Dan zullen wij met Pasen ook een blijk van liefde van de kant van God mogen ondervinden. Dan zal Hij ons hart met zijn paasvreugde vervullen! Laten wij dus nú deze zalige tijd ingaan…

Allen een genadevolle veertigdagentijd toegewenst!

Aszegening + oplegging

 – mens, gedenk wel; stof ben je,
en tot stof zul je wederkeren –

Door pastoor Guido Dewaegeneere – bron: per email ontvangen


Advertenties