THOMAS…

In de dagen na Pasen lezen we elke dag de stukken uit het evangelie  waarin de Verrezen Heer Zich toont aan Zijn leerlingen en hen met veel moeite moet overtuigen dat Hij werkelijk verrezen is. Deze week vroeg ik in een gezelschap wat zij het mooiste Paasverhaal vonden. Bijna iedereen antwoordde: “Het verhaal van de ongelovige Thomas”.

Het is inderdaad een mooi verhaal omdat wij wellicht allemaal zouden reageren als Thomas moest ons hetzelfde overkomen. Het evangelie zegt ons dat Thomas ook Didymus wordt genoemd. Dat is meer dan een detail dat in dat verhaal staat. Didymus betekent tweeling. Eigenlijk is die Tomas onze tweelingbroer, we gelijken goed op hem, hij reageert zoals de meesten van ons zouden reageren.

In dit woord sta ik graag eens stil bij dat verhaal over Thomas. Ik probeer het verhaal eens te vertalen naar het leven van alledag en we mogen ons daarbij de vraag stellen hoe wij zouden reageren. Stel: Een dierbare van u wordt naar het ziekenhuis gebracht, krijgt een zware operatie en sterft. Uw dierbare wordt begraven en na de uitvaart ga je met de familie nog even naar het huis van de overledene. Je moet even weg en wanneer je terugkomt is er van de rouw niets meer te merken, iedereen lijkt in feeststemming en ze zeggen u dat de dierbare die u net hebt begraven op bezoek is geweest. Ik denk dat iedereen als Thomas vol ongeloof zou reageren. Je zou wellicht denken dat ze aan de fles hebben gezeten of gepakt zijn door de emoties en als Thomas zeggen dat je het maar zult geloven als je het echt hebt gezien en hebt kunnen vaststellen. Thomas zegt: “Zolang ik in Zijn handen niet het teken van de nagelen kan zien en mijn hand in Zijn zijde leggen, zal ik zeker niet geloven”. Dit verhaal is een heel eerlijk verhaal, het toont aan dat het ook voor de apostelen niet vanzelfsprekend was te geloven dat hun Meester verrezen was. Hij heeft moeten bewijzen dat Hij werkelijk de Zoon van God was die de zonde en de dood had gebonden en voor Eeuwig Leven had gezorgd voor elk die in Hem gelooft en gedoopt is. Hij bevestigt Zijn leerlingen door zich vele malen te tonen. Ook Thomas krijgt de kans om te geloven. Acht dagen later komt Jezus weer en Jezus pakt Thomas op zijn woord. Hij zegt tegen Thomas: kom maar eens doktertje spelen bij mij. Jezus zegt: “Kom hier met uw vinger en bezie Mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in Mijn zijde en wees niet langer ongelovig maar gelovig”. Thomas gaat dan door de knieën en gelooft in de Verrezene.

Dat verhaal van Thomas is meer dan een verhaal over Jezus die Zich daar bijna 2000 jaar geleden bewijst. Dit evangelieverhaal zegt ons ook: God geeft aan elke mens in het leven tekenen en kansen om in Hem te geloven. God komt zeker in elk mensenleven enkele keren heel dichtbij om te bewijzen dat Hij er echt is, dat Hij van ons houdt en dat Hij ons echt gelukkig wil maken. Met dit evangelie mogen wij er ook eens aan denken wanneer ik de Heer dicht bij hebt gevoeld, wanneer Hij dicht bij mij stond en wanneer Hij tegen mij ook gezegd heeft dat we niet ongelovig maar gelovig moeten zijn. We moeten Hem echt willen zien in ons leven, Hij is dicht bij ons. De Paastijd van dit jaar mag ons daar eens laten bij stil staan…

Gods Zegen, pastoor A. Penne.
www.priesterpenne.be

Advertenties