St Hubertus (van Luik / van Maastricht)

St. Hubertus is patroon van de jagers. Allerlei gebruiken zijn aan zijn feestdag verbonden. In het zuiden van ons land wordt er Hubertusbrood gebakken.
Hij moet ergens in de 7e eeuw geboren zijn. Hij diende aan het hof van Pepijn van Herstal. Maar na de dood van zijn vrouw stelde hij zijn leven in dienst van God. Later volgde hij Lambertus (+ 705) op als bisschop van Maastricht. Hij was het die de bisschopszetel overbracht naar Luik, België. Dit is wat met enige zekerheid historisch over hem vaststaat. De legende weet echter veel meer over hem te vertellen.

Legende

Hubertus was de oudste zoon van Bertrandus en Hugberne, het hertogelijk paar van Aquitanië. Hij werd in 654 op achttienjarige leeftijd ridder geslagen door zijn neef, koning Dederik. Het was een boom van een vent: liefst tien voet lang (= ruim 2 meter). Hij had een rode baard. Na de dood van Baudalus werd Hubertus graaf van Parijs. Maar ten gevolge van de kuiperijen van Ebroinus bij de Franse koning werd Hubertus verbannen.

In 675 werd de koning zelf slachtoffer van een aanslag. Thierry bevrijdde zich uit St-Denis en maakte zich meester van de troon. Ook Ebroïn wist zich te bevrijden, en was woedend dat niemand van het landsbestuur er aan gedacht scheen te hebben om hem een hoge functie te geven. Hij bracht een leger op de been, veroverde Neustrië en nam Thierry gevangen, die overigens niet al te veel weerstand bood. Nu trok Ebroïn alle macht aan zich. Uit haat tegenover kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders zat hij ze zoveel mogelijk dwars: hij liet er verbannen en anderen liet hij er ombrengen. Hij werd op zijn beurt om het leven gebracht in 683. Hij nam zijn intrek bij zijn neef Pepijn in Metz.

Na de dood van de verrader Ebroinus werden Pepijn en Hubertus in hun rechten hersteld. Maar gaandeweg verslechterde de band met Pepijn vanwege allerlei duistere zaken in diens privé-leven. Zo kwam Hubertus naar Maastricht en werd daar letterlijk volgeling van bisschop Lambertus, want hij volgde hem overal waar hij ging.

Een andere legende weet over zijn bekering nog het volgende te vertellen. Het was Goede Vrijdag. Terwijl alle mensen naar de kerk togen, ging Hubertus met zijn vrienden uit jagen. Op een goed moment verwijderde hij zich een stukje van de overigen, omdat zijn honden achter een hert aanzaten. Hij was dus alleen toen plotseling uit de bosjes een hert op hem toetrad met een kruis in het gewei. Hubertus sprong van zijn paard en viel op zijn knieën. Hij hoorde hoe een stem tot hem zei: “Hubertus, waarom verdoe je je tijd met dit soort bezigheden? Van nu af zul je niet meer dieren vangen, maar mensen.” Hubertus antwoordde: “Heer, wat moet ik doen?” Waarop de Heer zei: “Ga naar mijn dienaar Lambertus, de bisschop van Maastricht. Deze zal u mijn wil kenbaar maken.” Toen verdween de verschijning en Hubertus ging dus naar Maastricht.

Hubertus was getrouwd met Floribine, een dochter van Dagobert, graaf van Leuven. Zij kregen een zoon: Floribertus. Zijn vrouw overleed en dat gaf Hubertus het verlangen in om zijn leven verder als kluizenaar in een bos of een abdij door te brengen. Hij ging naar Parijs en schonk het graafschap aan Karel Martel. Daarna vertrok hij naar Aquitanië, waar hij zijn vader stervende aantrof. Deze overleed drie dagen later. De titel van hertog en zijn erfgoed schonk Hubertus aan zijn broer Eudo. Zijn zoon Floribertus stuurde hij in de leer bij Lambertus.

Vervolgens trok Hubertus naar Rome en kwam daar aan op 16 september 674. Dat was de dag voordat Lambertus vermoord zou worden. De nacht daarop ging Hubertus voor de zoveelste maal bidden in de Sint-Pieterskerk. In diezelfde nacht verscheen een engel aan paus Sergius met de kromstaf en de ring van Lambertus; hij zei: “Sergius, afgelopen ochtend is Lambertus, de bisschop van Tongeren, vermoord. Zijn ziel is al in de hemel. Tijdens de metten zult u op het graf van Sint Petrus een man aantreffen, die door God is uitgekozen om Lambertus op te volgen. Het is Hubertus, de zoon van Bertrandus van Aquitanië. Hij moet tot bisschop worden gewijd.” Aldus geschiedde.
Diezelfde ochtend nog ontving Hubertus van de paus de lagere en hogere wijdingen. Toen volgde Hubertus’ bisschopswijding, waarna hij zijn eerste H. Mis opdroeg in de Sint-Pieterskerk te Rome. Tenslotte ging hij terug naar Maastricht. Dertien jaar resideerde hij in deze stad. Daarna bracht hij het lichaam van Lambertus over naar Luik. Daar zetelde hij nog eens dertig jaar.

http://www.heiligen.net/heiligen/11/03/11-03-0727-hubertus.php 

Advertenties