Een meditatie over het lijden vanwege frater Jean. Ze komt recht uit zijn hart en kan helpen om de veertigdagentijd goed te beginnen.
P. Daniël


JesusInleiding

“… onverdiend  leed verdragen is iets moois. Slagen verdragen die men verdiend heeft is niets bijzonders. Maar geduldig verdragen dat gij te lijden hebt om uw goede daden, dat is het wat God behaagt” 1 Petrus 2, 19-21)

Het lijden in ons leven is een mysterie en tegelijkdertijd een dagelijkse realiteit. We kunnen er niet aan onstnappen. Het is dan ook erg belangrijk om te weten hoe we ons moeten gedragen tegenover die pijn. In deze brief richt ik mij tot christenen en tegelijkertijd ook tot alle anderen die zich afvragen waarom christenen de gelukkigste mensen ter wereld zijn[1].  Het antwoord ligt in de glorie van het Kruis. En met St Paulus zeg ik: Wat mijzelf betreft, broeders en zusters, toen ik u het geheim van God kwam verkondigen, deed ik dat niet met vertoon van welsprekendheid of geleerdheid. Ik had mij voorgenomen u niets anders bij te brengen dan Jezus Christus, en Hem gekruisigd (1 Co 2,2). Echt geluk ligt dus niet in geleerdheid of in welsprekendheid maar in het Kruis. Hier gaat hij verder, en het is met getzelfde gemoed dat ik u schrijf omdat het woord van het Kruis dwa  asheid is voor degenen die verloren gaan (1 Co 1,18). Het is dan ook niet makkelijk het te verkondigen zonder zichzelf totaal kwetsbaar te maken en het risico te lopen belachelijk gemaakt te worden, maar dat is ons lot, want voor ons, die gered worden is het woord van het Kruis de kracht van God. Met St Paulus zeg ik dus: Bovendien voel ik mij zwak, onzeker, en angstig. Het woord dat ik u verdkonig, overtuigt niet door geleerde woorden, maar het getuigt van de kracht van de Geest, zodat uw geloof niet zou styeunen op de wijsheid van mensen, maar op de kracht van God.

Toen ik voor het eerst in het klooster toekwam in het jaar 2008 hebben enkele woorden van Moeder Agnès Mariam mij getroffen. Ze sprak over de eentonigheid van het leven. Ze haalde aan hoe Jezus, de Zoon van God 30 jaar (!) op aarde heeft gewoond vooraleer hij met zijn prediking begon. Gedurende 30 jaar kende niemand Hem, gedurende 30 jaar was hij gehoorzaam aan zijn ouders. Gedurende 30 jaar heeft hij de dagelijkse realiteit van dit aardse tranendal gedeeld. Daarna heeft Hij 3 jaar gepredikt, 3 uur aan het Kruis gehangen, 3 dagen in het graf doorgebracht en is Hij verrezen. Misschien waren die 3 uren aan het Kruis dragelijker dan de 30 jaar van ons eentonbige leven. We zijn geroepen om de dagelijkse ellende te doorworstelen, dagelijkse ons Kruis te dragen. Daartoe ben je geroepen, omdat Christus voor jou heeft geleden. Hij heeft je zo een voorbeeld nagelaten, zodat jij in zijn voetsporen zou kunnen treden. Deze woorden hebben mij toen geholpen om mijn dagelijkse realiteit in een heel ander daglicht te zien. Ze hebben mij ertoe gebracht te beseffen dat ik niet alleen ben in die dagelijkse kommer en kwel maar dat de Heer mij via al die sleur zuivert. Zie ik heb je gezuiverd, ik heb je beproefd in het vuur van de ellende (Isa 48:10). We kunnen niet onstnappen aan het lijden. Laten we dus onderzoeken hoe we het lijden kunnen dragen en hoe het ons kan kronen opdat wij de kroon van het leven zouden mogen ontvangen. Gezegend is de man die standvastig blijft onder de beproeving [dat is, onze miserie, onze angsten, onze twijfels], want wanneer hij de test heeft doorstaan, zal hij de kroon van het leven ontvangen, wat God beloofd heeft aan degenen die van Hem houden (Jak. 1,12)

Hier wil ik de woorden invoegen van Moeder Agnès gedurende een conferentie door haar gegeven aan de gemeenschap in 2009. Daarna wil ik eindigen met twee citaten van Amerikaanse bijbelgeleerden. Een van hen is Katholiek, de ander is protestant.

De noodzaak van het Kruis

Moeder Agnès: “Het teken dat God mijn leven binnenkomt is dat ik alles mis. Het teken dat Hij dichtbij is, dat ik mijn hoofd hoog moet houden omdat mijn redding nabij is, is dat ik op het toppunt van de verlatenheid en de ellende ben gekomen, Paulus zegt: Je hebt je nog niet tot het bloed verzet in je strijd tegen de zonde. Als we zouden weten wat ons te wachten staat [in de hemel],  wie de Heer werkelijk is, zouden al we snel zeggen: Echt waar Heer, U ben met weinig tevreden. U stelt u tevreden om die kleine broze mens die ik ben te verwarren; ik met mijn gesloten horizon, die niet verder zie dan het puntje van zijn neus. Dank U Heer om mijn wereld op zijn kop te zetten! Vaak, als ik in de war ben, denk ik dat de sterren uit de hemel vallen, op dat moment is er niets meer dat telt omdat ik rond mijzelf draai. De Heer moet ons tot het uiterste van onszelf brengen. Er is geen verrijzenis van de oude mens [2] als we niet sterven. Sint Johannes van het Kruis zegt: Als we de volheid zouden kennen die gegeven wordt aan de ziel die aanvaardt om te sterven aan zichzelf, die aanvaardt om volledig geplukt te worden van alles, hij zou gelukkig zijn en de Heer danken in elk verdriet, in elke tegenstrijdigheid.

Wat kunnen we doen om een dergelijke gelukzaligheid te bereiken? Dagelijks een verzameling van tegenstrijdigheden bijeenrapen! Bijvoorbeeld: ik wilde schilderen en ze vragen mij om het ​​huishouden te doen.[3] God zij dank, dat is een moment om mijzelf te overwinnen. Op die manier geeft de Steenhouwer (de Heer) mij slagen om mij te polijsten als een ​​diamant. De tegenstellingen [in ons leven] zijn gewild door God. Als ik dat niet zie, zal ik niet begrijpen wat me overkomt, ik zal mij al snel opwinden en zeggen: het is niet eerlijk, ze respecteren de ander meer dan mij, waarom moet ik altijd diezelfde taak doen, ze komt mij de oren uit, terwijl de anderen… Stop, zeg liever: Heer, ik dank u voor het feit dat u op mij hebt neergezien om mij de laatste plaats te geven, want dat is de plaats die Jezus heeft gekozen [4].  Wie de laatste plaats kiest kan nooit meer vallen, omdat hij op het laagste niveau van zichzelf is gekomen – die persoon is sterker dan de duivel [Wie is de duivel?][5], hij is sterker dan de tijd, en ik zal meer zeggen, hij woont al in de eeuwigheid. Laten we ons, in onze geestelijke strijd [6], het voornemen maken om de tegenstrijdigheden en tegenstellingen [uit het dagelijkse leven] te willen aanvaarden, wees niet bang. Ik moet de Heer niet om tegenstrijdigheden vragen, maar ik zal de gebeurtenissen die mij op de proef stellen, accepteren. Op die manier word ik een partner, teken ik een contract met Hem om met Hem samen te werken. Dank U Heer dat U mij waardig acht om mij te willen testen. [U Heer hebt ons getest; u hebt ons beproefd als zilver (Psalm 66:10)].

Laten we eens naar onszelf kijken deze maand: heb ik de beproevingen die mij overkwamen als een vloek aanvaard of als een mogelijke zegen? Hebben we de Geest van God verstikt die ons naar de woestijn bracht om verzocht te worden door de duivel 7 of hebben we in de geest van de heerlijkheid gewandeld die Christus geïnspireerd heeft om te sterven op het Kruis? Hoe kan ik mijn arme leven hier op aarde leefbaar maken als ik haar niet die eeuwige betekenis geef? Ik zou dan de eerste zijn om zelfmoord te plegen. Ik wil mijn leven op dezelfde manier leven zoals Jezus gedaan heeft. En ik weet dat Jezus gekomen is om het leven hier en nu te beleven in mijn wereld, in mijn vlees, om mij te leren dat deze realiteit (nl. het hier en nu – onze dagelijkse realiteit) de enge poort is waardoor we het eeuwige leven binnentreden. Laten we onze ziel onderzoeken: Heer, accepteer ik de realiteit in mijn leven, het hier en nu? Wat zijn de dingen die ik het meeste haat? Wat zijn de dingen die mij het meest tegenstrijdig lijken, tegenstrijdig aan mijn manier van zijn, tegenstrijdig aan mijn denken… ik wil ze voor ogen zien en zeggen: “Is het waar dat U niet bij me bent in deze dingen Heer?” Is het waar dat deze gebeurtenissen, die dingen, die personen buiten uw voorzienigheid vallen? Natuurlijke niet! U ben de Meester van de geschiedenis en ik wil u vertrouwen. U bent present in mijn leven, in de goede dingen, maar oh, geef mij de wijsheid om in te zien, dat u nog meer present ben in de dingen die mij tegenstrijdig lijken, en dat ik die moeilijkheden mag ontvangen als een geschenk uit uw hand.

Soms vergeten de mensen ons. [Soms denk ik] “Hebben ze nog niet eens gedacht om mij een glas water te geven vandaag?” Dat is het moment! Het is mijn beschermengel die ervoor zorgt dat ik vergeten wordt zodat ik iets kan bieden 8 [aan de Heer] en dat ik kan begrijpen hoeveel ik [als persoon] gekwetst ben. Ik ben een gekwetst persoon, op dat moment ben ik kwaad op degenen die mij vergeten zijn. Ik lanceer hen een proces in mijn hoofd en ik zie dat ze de anderen niet vergeten. Natuurlijk hebben ze mij vergeten want ze hebben een hekel aan mij, niemand let op mij … Laten we oppassen en ontdekken wat ons zorgen baart, wat ons gemoed op stelten zet. Laten we opmerken wat ons stoort, waarom we, wanneer we ons goed in ons vel voelen , we plots gestresseerd zijn, angstig worden …  en onszelf afsluiten. De gebeurtenis [die ervoor zorgde dat ik angstig of gestresseerd of moedeloos of … wat dan ook werd] heeft die pijn niet gecreëerd, ze heeft mij veeleer  mijn wonde doen kennen 9.  Ik moet die wonde niet verbergen, haar geen excuses zoeken. Ik moet haar daarentegen recht in de ogen kijken en haar ontmaskeren. Waarom ben je bedroefd mijn ziel, waarom ben je teneergeslagen? Waarom ben je plots blind en zie je niets anders dan die wonde?

We moeten die bewegingen in ons binnenste ontdekken, niet in de theorie van de meditatie: wenen omdat ik Jezus op het Kruis zie sterven bijvoorbeeld. Dat is goed, maar ik, ben ik dagelijks bereid, in de kleine dingen van het leven, om Jezus na te volgen? Ons leven bestaat niet uit grootse sprongen maar uit kleine pasjes, in de woestijn, in het donker. Mijn weg profileert zich op elke pas die ik zet, het is al wandelend dat ik mijn wereld creëer. Het is niet goed om de dingen vanuit de verte te zien, een groot ideaal hebben en proberen om het geprefacriceerd toe te passen, dat werkt niet. Misschien werkt het een tijdje, maar het redt niet. In de geschiedenis hebben we vele grote bewegingen gekend zoals het communisme en dergelijke. Het zijn ideëen maar die ideëen hebben zich niet geïncarneerd in een gekruisigd vlees. Deze weg is onmogelijk te bewandelen zonder Jezus Christus, zonder een geloof in de Levende Heer. Buddha, noch Mohammed kunnen mij helpen in deze weg. Dit is de uitdaging van Jezus Christus, waar enkel de armen en de nederigen op ingaan. Dit is de smalle weg [7], en slechts de armen en de nederigen bewandelen die. [Want de deur is smal en de weg is eng die leidt tot het leven, en slechts weinigen vinden hem. (Mat 7,14)]  Het is een ongelooflijke uitdaging, indringers kunnen deze enge weg niet bewandelen. Ik wens u dat u zich met heel uw hart inzet om deze smalle weg te betreden die leidt naar de perfectie. En die perfectie is niet de mijne, het is de perfectie van de werkende aanwezigheid van de Heer [in mij] aan wie ik toelaat om in mijn leven in te grijpen”.

Tot hier de woorden van Moeder Agnès Mariam. Tijdens ons werk hier in het klooster luisteren we graag naar spirituele conferenties. Op die manier kunnen we onze werktijd nuttig gebruiken om bij te leren, al hangt het af van het soort werk, want bij sommige bezigheden heb je je volle concentratie nodig. Hoe dan ook, wat hierna volgt hoorden we in een preek van Pastor Bill Mounce, toen hij nog universiteitsprofessor was. Na hem luisteren we naar dr. Scott Hahn, eveneens uit Amerika.

Getuigenis van Pastor en professor Bill Mounce (een protestantse pastor uit de VS)

Hij was doodvertrietig bij de dood van zijn kind. Honderden studenten condoleerden hem en gaven hem briefjes. Eén van hen schreef: Alles leidt tot het goede voor degenen die God liefhebben, en die volgens zijn raadsbesluit geroepen zijn (Rom 8, 28). Hij was erg geschokt. Hoe durfde iemand te schrijven dat de dood van zijn kind iets goeds was! Maar na jaren begon hij te beseffen dat deze zin belangerijker was dan alle andere briefjes samen want hij begon de mening te begrijpen van het vers dat erop volgt: Alles leidt tot het goede voor degenen die God liefhebben, en die volgens zijn raadsbesluit geroepen zijn. Want die Hij tevoren heeft gekend, heeft Hij tevoren ook bestemd om te gelijken op het beeld van zijn Zoon, zodat Hij de eerstgeborene zou zijn onder vele broeders. (Rom 8, 28-29). God’s werk bestaat er dus in om ons te transformeren in het beeld van zijn Zoon. Het is daarom dat St Jakob het lef heeft om te zeggen: Broeders, acht uzelf heel gelukkig wanneer u allerlei beproevingen overkomen. (Jak. 1,2).  Bill Mounce kon inzien dat zelfs de dood van zijn kind voor de glorie van God was en voor zijn eigen goed omdat hij zo meer op Christus zou gelijken. Dat is niet onze menselijke definite van wat goed is, maar God’s definitie van wat goed is, dat is, te worden zoals Jezus. Als we ons lijden dus accepteren, en God de leiding geven over ons leven, worden wij gevormd naar het beeld van Christus en beginnen we op Hem te gelijken. Niet mijn wil Heer, maar laat uw wil geschieden.

Getuigenis van dr. Scott Hahn (Katholieke professor in de theologie uit de VS)

De Geest die u ontvangen hebt, is er niet één van slaafsheid, die u opnieuw vrees zou aanjagen. U hebt de Geest van kindschap ontvangen, die u doet uitroepen: “Abba, Vader”! (…)  Maar als wij kinderen zijn, dan ook ergenamen, en wel erfgenamen van God, mede-erfgenamen met Christus … (Rom 8, 15-17). “Tot hier is de lezing fantastisch” zegt Scott Hahn … Maar wat volgt er?: … Maar als wij kinderen zijn, dan ook ergenamen, en wel erfgenamen van God, mede-erfgenamen met Christus, op voorwaarde dat we lijden met Hem, zodat we ook met Hem verheerlijkt kunnen worden (Rom 8, 17). “Dit moet een grap zijn, moeten we met Hem lijden?” Ja, want St Paulus zegt: Ik ben ervan overtuigd dat het lijden van deze tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid waarvan ons de openbaring te wachten staat (Rom 8,18). Dus, in een simpele kosten-baten analyse is het duidelijk dat de glorie in het volgende leven oneindig veel groter is dan ons tijdelijke lijden hier op aarde. Vervolgens zegt de tekst: De creatie was onderworpen aan ijdelheid (Rom 8, 20) en wacht vol ongeduld “om bevrijd te worden van haar gevangenschap aan de corruptie om zo de glorievolle vrijheid van de kinderen van God te mogen ontvangen” Dr. Hahn interpreteert het zo: je kan weglopen van het lijden, maar je kan je niet verstoppen, het zal je achtervolgen, omdat de volledige schepping eraan onderworpen is. De hele schepping is een lijdensweg, als je probeert het lijden te ontvluchten zal je méér lijden dan wanneer je je gewoon zou overgeven aan Gods wil.

Besluit

Ik wil nog een laatste idee aanbrengen. Het zal een ongelooflijke stuwkracht voor u zijn om uw lijden te aanvaarden. Heilige Thérèsa van Lisieux zei: Als ik dit papiertje met liefde van de grond opraap zal ik één ziel redden. Deze misschien naïef klinkende woorden zijn gestoelt op eeuwige waardheden want St Paulus zegt: Ik verblijd mij in mijn lijden voor u, en in mijn vlees vul ik aan wat ontbreeekt aan het lijden van Christus. Dat doe ik voor zijn lichaam, de Kerk. (Col 1,24). Wij christenen zijn het mystieke lichaam van Christus, de Kerk. Wij zijn zijn bloed en zijn vlees. Wanneer we lijden met opgeheven hoofd redden we niet enkel onszelf maar degenen rondom ons. Het is voor die reden dat St Paulus hier zegt dat hij zich verblijdt in zijn lijden. U ook, in uw dagelijkse leven verblijd u, want uw lijden is niet zinloos. Zoals we hierboven geleerd hebben, wordt u zo gevormd naar het beeld van Christus maar daarenboven redt u zielen. Het zijn niet mijn woorden maar die van St Petrus: “De beproevingen… dienen om de deugdelijkheid van uw geloof te bewijzen, dat zoveel kostbaarder is dan vergankelijk goud, dat toch ook door vuur gelouterd wordt. Dan zal, wanneer Jezus Christus zich openbaart, lof, heerlijkheid en eer uw deel zijn. Hem hebt gij lief zonder Hem ooit gezien te hebben. In Hem gelooft gij, ofschoon gij Hem ook nu niet ziet. Hoe onberispelijk, hoe hemels zal uw vreugde zijn, als gij het einddoelvan uw geloof, de redding van uw ziel bereikt”. (1 Petrus 1, 7-9)

Leid ons Heer Jezus om ons dagelijks lijden te dragen. Jezus zegt: Maak u geen zorgen voor morgen; want morgen zal voor zichzelf zorgen. De zorgen van vandaag zijn genoeg (Mat 6,34). Dat wil dus zeggen dat we elke dag zorgen zullen hebben, maar de Heer verlangt van ons dat we ons boven die zorgen zouden stellen door vol vertrouwen naar Hem te zien voor elke oplossing en zo vreugdevol Jesaja na te volgen en te zeggen De Heer is mijn redding; ik zal vertrouwen, ik zal niet bang zijn; want de Heer God is mijn kracht en mijn lied, en Hij is mijn redding geworden. HALLELUJAH!

Fr. Jean-Baudouin


Voetnoten

[1] Voor hen bid ik opdat de woorden van de Heer Jezus hen vandaag zouden raken en ze op aarde vandaag al het eeuwige leven zouden mogen ontvangen.

[2] De “oude mens” een metafoor voor de persoon in ons die niet gevormd is naar het beeld van Christus en die teert op passies: op jaloezie, op egoïsme, op snel snel consumeren, … De nieuwe mens is de innerlijke persoon, degene die de vruchten van de Heilige Geest draagt: liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, geloof, zachtheid, zelfcontrole (Gal 5,23)

[3] Dit is een voorbeeld uit het monastieke leven maar elke ander voorbeeld uit het leven in de wereld is net zo geldig. Bijvoorbeeld: mijn baas op het werk heeft die nieuwe aanwinst onmiddellijk gepromoveerd terwijl ik al 20 jaar in dienst ben! – of, mijn buurman kijkt me nors aan terwijl ik altijd mijn best doe om vriendelijk te zijn tegenover hem – of, ik had me net in mijn luie zetel willen zetten na een lange werkdag en mijn neef die door een moeilijke periode worstelt belt me op, en ik moet mij dus opofferen voor hem en naar hem luisteren en hem bijstaan …

[4] zie De vossen hebben holen, en de vogels in hemel nesten; maar de Mensenzoon heeft geen plaats om Zijn hoofd neer te leggen (Mat 8,20).

[5] Wie is de duivel? De Catechismus van de Katholieke Kerk leert dat Satan eerst een goede engel was, geschapen door God. De duivel en de andere demonen waren als goed gecreëerd door God, maar ze zijn slecht geworden door hun eigen acties. Want God heeft de mens als onvergangkelijk gecreërd, en naar het beeld van zijn gelijkenis heeft hij hem geschapen. Maar door de afgunst van de duivel is de dood in de wereld gekomen: en degenen die aan zijn zijde staan volgen hem. (Wijsheid 2, 23-25). Als God de engelen niet heeft gespaard wanneer ze gezondigd hadden, maar hen in de hel heeft geworpen en hen heeft laten vastbinden aan ketenen in het donker tot het oordeel … (2 Peter 2,4). Deze “val” bestaat in de vrije keuze van deze gecreëerde geesten, die op een radicale en ovoorwaardelijke wijze, God en zijn heerschappij geweigerd hebben. (N° 391-392) De duivel en zijn engelen zijn actief op deze aarde om de mensen te doen vallen in hun eigen val, net zoals de duivel de eerste mens ertoe geleid heeft om Gods wet te veracthen en God uit zijn leven te bannen – wat we de ‘oerzonde’ noemen. De Catechismus zegt: De leer over de erfzonde geeft een helder inzicht in de situatie van de mens en zijn handelen in de wereld. Door de zonde van de stamouders heeft de duivel een zekere macht over de mens gekreghen, hoewel deze laatste zijn vrijheid behouden heeft. De erfzonde leidt tot “de slavernij onder de macht van hem die daarna het dodenrijk bezat, d.w.z. de duivel”. Ontkennen dat de mens een gewonde, tot het kwaad geneigde natuur heeft, geeft aanleidingh tot er(nstige dwalingen op het gebied van de opvoeding, de pllitiek, het sociaal handelen en de zeden” (nr. 407). Degene die gelooft in Christus wordt bevrijd uit die gevangenschap want de Zoon van God is verschenen om de werken van de duivel te breken. (1 Jo 3,8).

[6] De geestelijke strijd is een term uit het monastieke leven. Ze doelt op het gevecht dat de ziel moet leveren om de ‘oude mens’ uit voetnoot één te overstijgen opdat de ziel zou kunnen leven in de volheid van de Heilige Geest.

7 De Christen is geroepen om Christus te volgen. Als iemand mij dient moet hij Mij volgen; en waar Ik ben, zal ook mijn dienaar zijn. Als iemand Mij dient zal de Vader hem eren. (Joh 12,26). Jezus werd door de Heilige Geest geleid naar de woestijn om er bekoord te worden door de duivel. En na 40 dagen en 40 nachten had Hij honger. En de verzoeker kwam en zei: “Als je de Zoon van God bent, beveel dat deze stenen brood worden…” (Mat 4,1-3) De Geest van God zal de christenen ook leiden naar de woestijn om er bekoord te worden. En let op het dynamsme van de verzoeking. De duivel verleidt Christus hier met een idee: “verander de stenen in brood”. Het zijn de ideëen die ons doen vallen. “Waarom hebben ze hem liever dan mij”, “waarom word ik niet gepromoveerd”, “waarom moet ik elke dag diezelfde taak doen”… Het is daarom dat de woestijnvaders ons leren ons denkproces stop te zetten en ons enkel te concentreren op het NU-moment met Christus – maar dat is stof voor een andere meditatie.

8 Vaak, toen ik verdrietig was, gaven de zusters mij de raad hier om dat vertriet te offeren aan de Heer. Gedurende lange tijd heb ik niet begrepen hoe dat werkt. Maar beetje bij beetje begin ik het licht te zien. Het is heel erg mooi om, wanneer ik gekwetst of verdrietig ben, op zo’n moment te zeggen, Ik geef het aan u Heer, u hebt de controle, u weet wat u doet, ik wil u volgen als een gehoorzaam schaap uit uw schaapstal en ik offer u mijn verdriet of hetgene wat ik nu niet snap, ik weet dat u sowieso een goede uitkomst zal geven aan deze situatie. De innerlijke vrede die voortvloeit uit een dergelijk loslaten is SOLIDE als een rots.

9 Een voorbeeld van zo’n gebeurtenis: Iemand vergeet mij goeiedag te zeggen en onmiddellijk word ik triestig en begin te denken: waarom zegt hij mij geen goeiedag? Ik heb waarschijnlijk iets verkeerds gezegd. Het is altijd hetzelfde. De mensen houden niet van mij. Ik kan beter zwijgen… Een dergelijk scenario in mijn hoofd geeft mij kennis van mijn wonde, in dit geval: “ik denk dat ik niet geliefd ben”.


 

 

Advertenties