Hier in het zuiden van Nederland moeten wij nog even volhouden. Midden Nederland daarentegen heeft al bijna vakantie. Bij vakantie hoort inpakken. Nu is inpakken altijd een hele toer. Een hele chequelist wordt afgewerkt: “Niets vergeten? Hebben wij alles mee?” Of er klinkt de wanhoopskreet: “Moet dat allemaal ook nog mee?

De aanwijzing van Jezus klinkt anders: “Neem geen reiszak mee, geen koffer, slechts het strikte minimum.” Want Jezus zendt zijn leerlingen niet uit op vakantie. Hij stuurt hen erop uit met een heldere missie.

Naast de apostelen worden nog 72 andere mensen door Jezus aangesproken om een bijdrage te leveren aan de verbreiding van het evangelie. Maar stelt de zaken niet gemakkelijker voor dan ze zijn. Hij begint met erop te wijzen, dat de taak eigenlijk veel te groot en te zwaar is voor het kleine aantal werklieden: “De oogst is groot, maar arbeiders zijn er maar weinig (om te oogsten).”

Bovendien zullen zij niet altijd welkom zijn. Daarbij gebruikt Jezus zelfs het angstaanjagende beeld, dat aan duidelijkheid niets te wensen overlaat: “Ga, Ik zend u als lammeren tussen de wolven.” Voor wolven zijn schapen een gemakkelijke prooi. Een gewaagde missie geeft Jezus aan hen. Hij zendt hen met de raad om te blijven vertrouwen en geloven in Gods hulp en bijstrand. Zij moeten nog leren om onbevreesd van hun geloof te getuigen.

Jezus’ raad is tegelijkertijd heel vanzelfsprekend: “In welk huis u ook binnengaat, laat uw eerste woord zijn: Vrede aan dit huis! Vrede aan deze mensen.” En Jezus voegt eraan toe: “Blijft in dat huis en eet en drinkt wat zij u aanbieden, want de arbeider is zijn loon waard. Gaat niet van het ene huis naar het andere. In elke stad waar u binnengaat en ontvangen wordt, eet wat u wordt voorgezet, geneest de zieken die er zijn en zegt tot hen: Het Rijk Gods is u nabij.” De te verkondigen boodschap is ongewoon beknopt. Geen woord teveel, samengevat in het beknopte zinnetje: “Het Rijk Gods is u nabij.”

Men zou het evangelie van vandaag een eerste pastorale les van Jezus kunnen noemen; de opdracht tot onbevreesde evangelisatie. Terwijl wij ons tegenwoordig vooral toeleggen op allerlei pastorale methodieken, wijst Jezus ons vooral op onze innerlijke gezindheid, waaraan wij als gedoopte christenen herkend moeten worden. Jezus verlangt een ‘gelovig-katholiek-zijn’ zonder vrijblijvendheid, zonder reserves. Met echt geloof en beproefd vertrouwen. Want niets is zo fnuikend als een afwachtende, berustende houding in te nemen. En niets is zo inspirerend als juist een oprechte geestelijke bezieling.

De 72 leerlingen trokken uit met de woorden van Jezus in hun hart. Vol enthousiasme keerden zij terug, want er had zegen op hun evangelisatie gerust. Gods heerschappij was voor hun ogen werkelijkheid geworden.

Als wij vertrouwvol zijn en bidden, waarom zou dat wonder ook niet in onze dagen kunnen gebeuren? Amen.

Vgl. bron: www.parochiestmartinus.nl


 

Advertenties