loveWie is mijn naaste? Zo luidt de vraag aan Jezus. Als antwoord hoorden wij de parabel van de barmhartige Samaritaan. Zo op het eerste oog lijkt deze vraag en deze parabel weinig met vakantie te maken te hebben. Het is bovendien ook nog eens geen waar gebeurd verhaal, maar een gelijkenis. Je zou zo’n verhaal ook kunnen beginnen met de zin: “Stel je voor dat…”. “Stel je voor dat er een man op weg gaat van Jeruzalem naar Jericho.”

Zovelen van ons gaan binnenkort op vakantie. Waarschijnlijk wel wat verder dan deze voetreis van Jeruzalem naar Jericho. Misschien gaat de reis naar verre en exotische landen. Er moet dan een goede voorbereiding plaats vinden. Je moet je verdiepen in de risico’s, die zo’n reis met zich meebrengt. Waarop moet ik me voorbereiden? Hoe zijn de wegen, hoe de hotels? Kan het er gevaarlijk zijn? Moeten er inentingen plaats vinden tegen enge ziektes zoals malaria of insectenbeten? Waarom ga je op reis? Is het gewoon om eens lekker ver weg van huis te zijn? Is het vanwege zon, zee en strand? Is het vanwege de bergen of is het vanwege de mensen die er wonen? Zijn wij in mensen geïnteresseerd? De wereld is klein geworden.

We ontmoeten in onze eigen omgeving en elders steeds vaker kleurlingen van vreemde herkomst. Wij kunnen natuurlijk aan deze mensen voorbij lopen. Maar mogelijk raken wij in hen geïnteresseerd, want iedere mens heeft een levensverhaal van vreugde en verdriet. Bij iedere mens hoort een familie: vader, moeder, maar ook eigen kinderen. Wij stellen de vraag: Wie zijn zij en waar komen zij vandaan? Zijn het mensen die wij alleen maar als vreemdeling betitelen: allochtonen of zijn zij voor ons mede-bewoners van Nederland geworden? Gaat ons hun leven ter harte? Zien wij de vraag op hun gezicht: Wil jij hier mijn naaste zijn?

“En wie is dan mijn naaste?” vroeg de schriftgeleerde in het evangelie. Hij stelt deze vraag, omdat hij zich uit de verlegenheid wil redden, nadat Hij aan Jezus de vraag gesteld had: “Waar komt het in het leven op aan?” Jezus had daarop gezegd: Heel eenvoudig: “Gij zult de Heer, Uw God, beminnen met hart en ziel en verstand en de naaste als jezelf.” Het ons zo vertrouwde antwoord heeft deze vrome jood zeer verbaasd, want hij had een antwoord verwacht over het naleven van voorschriften en wetten, die het joodse geloof in zo grote getale kende. Zeker de schriftgeleerden kenden deze voorschriften en hielden ze met grote toeleg aan de mensen voor als de weg naar het heil. Die andere benadering van de liefde door Jezus roept daarom begrijpelijkerwijze vragen op: wie is dan mijn naaste? Ik kan toch onmogelijk met iedereen rekening houden? Ik kan toch onmogelijk mij voor iedere mens verantwoordelijk voelen? Ik kan toch onmogelijk de naaste even lief hebben als ik mijzelf lief heb. Eerst ik en daarna de ander.

De gelijkenis is een bekend verhaal. Voor ons misschien een versleten verhaal. Het vertelt van de huichelachtige priester en tempeldienaar en van een oprechte Samaritaan. Wij hebben dit verhaal waarschijnlijk te pas en te onpas op anderen toegepast om zelf buiten schot te blijven. Maar Jezus vraagt steeds: “Wie beschouw jij nu als je naaste?” En waarschijnlijk zou Jezus óók óns een lastig verhaal vertellen, dat ons waarschijnlijk zou doen blozen.

God beminnen en de naaste, dat is kort samengevat wat ons in deze wereld te doen staat. Als wij oprecht in God geloven, dan worden daardoor onze zintuigen extra gevoelig gemaakt voor de nood van onze medemensen. Dan raken wij geïnteresseerd in het verhaal dat bij elke mens hoort. Zeker als wij het eigen land verlaten en naar de vreemde trekken en er onbekende mensen ontmoeten. Het is de kans om te laten zien, dat we christen zijn: mensen die geïnteresseerd zijn in andere mensen. Want wie oprechte liefde heeft tot Jezus, zal Hem ook dienen in de naaste. In die beroofde en uitgeschudde mens langs de weg, zoals in de parabel of in de mens uit den vreemde.

De vraag van de schriftgeleerde was: Wat moet ik doen om het eeuwig leven te verwerven? Wat is voor ons belangrijk om als christen te leven? Het antwoord is hetzelfde: Gij zult God beminnen en de naaste als uzelf. Amen.

Vgl. bron: www.parochiestmartinus.nl


 

Advertenties