1ste zondag van de Advent, jaar A 2016.

advent-hh

Foto: Advents’krans’ in de kerk H.Hart van Jezus, Nieuwenhagerheide


Jesaja 2,1-5. Visioen wat Jesaja, de zoon van Amos, gezien heeft betreffende Juda en Jeruzalem. Eens zal de dag komen dat de berg met de tempel van de Heer rotsvast zal staan, verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen. Alle volken zullen daar samenstromen, machtige naties zullen zeggen: ‘Laten we optrekken naar de berg van de Heer, naar de tempel van Jakobs God.  Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen, en wij zullen zijn paden bewandelen.’ Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht, vanuit Jeruzalem spreekt de Heer. Hij zal rechtspreken tussen de volken, over machtige naties een oordeel vellen. Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander volk, geen mens zal meer weten wat oorlog is. Nakomelingen van Jakob, kom mee, laten wij leven in het licht van de Heer.


Matteüs 24,37-44. In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Zoals het ging in de dagen van Noach, zo zal het gaan bij de komst van de Mensen­zoon. Zoals toch de mensen in de dagen voor de zondvloed doorgingen met eten en drinken, met huwen en ten huwelijk geven, tot op de dag, waarop Noach de ark binnenging, en zij niets vermoedden, totdat de zond­vloed kwam en allen wegrukte: zo zal het ook gaan bij de komst van de Mensenzoon. Dan zullen er twee op de akker zijn: de een wordt meegenomen, de ander achter­gelaten; twee vrouwen zullen met de molen aan het malen zijn: de een wordt meegenomen, de andere achtergela­ten. Weest dus waakzaam, want gij weet niet op welke dag uw Heer komt. Begrijpt dit wel: als de eigenaar van het huis wist op welk uur van de nacht de dief zou komen. zou hij blijven waken en in zijn huis niet laten inbreken. Weest ook gij dus bereid, omdat de Mensen­zoon komt op het uur, waarop gij het niet verwacht.’


ADVENT, OP WEG NAAR KERSTMIS 

Het woord ‘Advent’ heeft zijn wortels in de Latijnse taal. Het woord ‘adventus’ betekent ‘komst’ en ‘advenire’ wil zeggen ‘naar iets of iemand toekomen’. Als gelovigen vieren wij dat God naar ons toekomt in zijn Zoon Jezus Christus. Jezus is de Emmanuel, God-met-ons. Gods Zoon wordt mens.

Kerstmis is een belangrijk christelijk feest want met de geboorte van Jezus vieren we dat God zelf mens wordt. Hij is midden in onze menselijke onmacht van kwaad en verdriet gekomen om ons daaruit op te tillen. Er gaan zoveel dingen verkeerd in onze wereld en daar hebben wij zelf geen oplossing voor. Jezus is gekomen om ons daaruit te verlossen en een nieuw Leven‚ in Hem aan te bieden.

Jezus eerste en tweede komst 

Natuurlijk is de adventstijd op de eerste plaats een tijd van verlangend uitzien naar het geboortefeest van Jezus. God is mens geworden in de gedaante van een klein hulpeloos kind! Dat is voor ons niet slechts een gebeurtenis uit een ver verleden. Het is iets om ons nog altijd, elke dag, over te verheugen, te verwonderen en dankbaar voor te zijn!

Toch is de advent meer dan alleen maar een voorbereiding op het geboortefeest van Jezus. Het gaat niet alleen om kaarsjes en een stal om vredig bij weg te dromen. Wie de evangelies van deze voorbereidingstijd doorleest, komt tot de ontdekking dat wij soms flink wakker worden geschud. Steeds worden we eraan herinnerd: Neem Gods Boodschap ter harte, het is van levensbelang! Durf te veranderen! Blijf niet op dezelfde voet doorleven! Werk mee aan Jezus‘ komst in onze harten, levens, gezinnen, en onze omgeving.

Daarom is de advent ook een tijd van voorbereiding op de wederkomst van Christus op het einde der tijden, zijn ‘tweede’ komst. Dan zal Hij ons ter verantwoording roepen. Wanneer dat zal gebeuren weet niemand. Wij weten ook niet wanneer dat einde van ons eigen leven zal gebeuren. Daarom is het van belang ons geloof altijd levend te houden en het niet te laten verslappen of verflauwen. Vandaar ook de oproep in deze Advent om waakzaam te zijn.

Naar God toe gaan 

God komt naar ons toe. Maar wij worden in deze tijd ook opgeroepen om naar God toe te komen. Om ons meer naar God toe te keren in de manier waarop wij denken, in onze hele manier van leven. Met een wat moeilijker woord heet het dan: wij worden opgeroepen ons te bekeren. Daarom is de advent ook een tijd van bezinning.

We zien dit aan het paarse kazuifel (van de priester), want paars is de kleur van bezinning en bekering. We merken het aan het ontbreken van het Eer aan God (het Gloria) in de zondagse liturgie. Pas met Kerstmis zal dit loflied van de engelen weer vol blijdschap in de kerk gezongen of gebeden worden.

Overwegingen Advent 

Heer, onze God, help ons waakzaam te blijven op elk uur van de dag en van de nacht.

Open onze ogen om uw licht te ervaren.

Open onze oren om naar uw stem van waakzaamheid te luisteren.

Open onze mond om ook bij anderen te getuigen van uw aanwezigheid.

Open ons hart om de komst van Jezus in onze ziel voor te bereiden en om ons intens met Hem verbonden te weten.

Open onze geest om de oppervlakkigheid van het leven te doorbreken.

Open onze handen om genadevol te zijn voor de gekwetste mens.

Misschien dat Gij, met Kerstmis, dan ook in ons hart geboren wilt worden.

 

Advertenties